Het corona virus is weer helemaal terug en heeft grote impact op het normale leven. We hadden, ter compensatie van een eerdere trip naar Keulen, drie dagen in een hotel in Coevoerden, Kasteel Coevorden, geboekt. Dit hotel bestaat uit 2 delen, het eigenlijke kasteel of wat daar van over is gebleven en het pakhuis op 75 meter afstand waarin de kamers onder gebracht zijn. Waarom Coevorden? Daar waren we nog nooit geweest en het lag ook wel gunstig in de buurt van Assen en Emmen, plaatsen die we ook wilden bezoeken.
De heenreis via de Afsluitdijk en verwonderlijk (bleek de snelste route te zijn), via Harlingen en Leeuwarden ging naar Assen waar we het plaatselijke museum wilden bezoeken omdat daar een expositie van Henk Helmantel georganiseerd was. Geweldig wat een schilder dat is van voornamelijk stillevens en kerken. De Groningse schilder is zeker bekend vanwege zijn geweldige manier van glas schilderen. Glas op zijn schilderijen zien er echt uit als glas. Wat de expositie extra mooi maakte was dat veel opjecten die op de schilderijen voorkwamen ook in het echt aanwezig waren.
Ook is het museum bekend vanwege de aanwezige veenlijken uit een ver verleden. Het bekendste voorbeeld is het meisje Yde, een op waarschijnlijk 16 jarige leeftijd rond het begin van de jaartelling om het leven gebracht is. En tenslotte het grootste poppenhuis van Nederland. Het fraaie is dat er eerst een poppenhuis gepresenteerd wordt waarna je door kamer geleid wordt die ook in het poppenhuis voor komen. Dit museum is echt het bezoeken waard.
Bij het arrangement van het hotel was ook een 2 gangen diner inbegrepen. Vooraf hadden we daar niet veel vertrouwen in maar dat veel heel erg mee. Echt goed, mooi opgemaakt en hoge kwaliteit. Het hotel (met zoals eerder gemeld de kamers in een apart gebouw) was niet groot en dus was ook het bijbehorend restaurant niet groot. Tafels ook nog ver uit elkaar en dus niet veel mensen. Niet vreemd dat je snel op gepaste afstand contact maakt met andere mensen.
's Avonds weer nieuwe maatregelen tegen corona. Restaurants dicht maar gelukkig voor ons bleven musea en de dierentuin in Emmen wel open. Dat laatste, bekend als Wildlands, was ons doel voor de woensdag.
Emmen, slechts een half uur rijden vanuit Coevorden is best een grote plaats. Dat zagen we aan het eind van de middag toen we nog even een wandeling door de binnenstad (winkelcentrum) maakten.
Vooraf hadden we een tijdslot besproken voor de dierentuin. We dachten dat we te vroeg waren maar door de grote rij voor de ingang waren we prima op tijd. Gelukkig vroeg zodat we veel ruimte hadden om de verplichte looprichting te volgen. Je kan merken dat dit een vrij nieuwe dierentuin is. Ruim opgezet met veel ruimte voor de dieren. Ook nog iets van een safari. Bijzonder was dat de auto's niet konden rijden omdat er een kameel op de weg lag die niet weg wilde. Pas nadat een verzorger aktie ondernomen had kon de safari verder gaan. Heel kort maar zeker voor kinderen heel spannend omdat er een aantal keer door water gereden werd.
Ook een boottocht door het regenwoud behoorde tot de atracties. Op deze manieren zie je toch heel ontspannen de dieren vanuit een ander oogpunt.
Mede doordat de horeca gesloten was, op de kamer gegeten en dit keer genoten van een wedstrijd van het Nederlands elftal tegen Italiƫ (uitslag 1 - 1).
De laatste dag de terugreis waarbij we ook nog Kampen aangedaan hebben. Kampen is een heel oud stadje, ooit als een van de belangrijkste Hanze steden in de middeleeuwen. Ook een plaats waar Arie in zijn dienstijd een deel van de opleiding gevolgd heeft. Al dwalend door de straatjes veel leuke steegjes en oude huisjes gezien. En natuurlijk kerken want dat kan natuurlijk niet anders in een plaats met een Theologische Universiteit.
En (want het is wonderlijk dat het geheugen na ruim 55 jaar nog zo betrouwbaar is) de kazerne gevonden. Het gebouw van de voormalige Van Heutz kazerne zag er nog zo uit als in de herinnering. Het treinstation en het gedoe over het reizen met de militaire trein in plaats van de eerder vertrekkende burgertrein kwam weer helemaal terug. Het station is een zogenaamd eindstation (in ieder geval in 1965) en beide treinen stonden naast elkaar. Toen was het nog mogelijk om deuren van de treinen aan beide kanten open te maken en met een snelle sprong was het mogelijk om van trein te wisselen. De militaire politie wist dat ook en patrouilleerde tussen de treinen om dat te voorkomen. Ik heb het nooit geprobeerd maar wel andere mensen het zien doen. Was het overstappen wel gelukt en was je daardoor eerder in Amersfoort dan was je er nog niet. Ondanks dat je inmiddels in burgerkleren liep viel je gewoon op door de kort geknipte haren en de weekendtas en ook daar liep de militaire politie rond en kon je alsnog gepakt worden. Controle was makkelijk, als militair gebruikte je een ander vervoerbewijs dan burger reizigers.


































































