Arie Schaap (1891-1973)
Van Opa Schaap is ook veel te vertellen. Veel heeft met de oorlog te maken en daarom is aan dat deel een aparte pagina gewijd, Wijdenes.

Geboren en opgegroeid in Loosduinen en op 21 jarige leeftijd op 19 november 1912 verhuisd naar Bovenkarspel als landarbeider. De dienstplicht van opa Schaap viel in twee delen uiteen. Eerst de normale dienstplicht waarbij hij in ieder geval in november 1911 in Haarlem gelegerd was. In de eerste wereldoorlog was er sprake van mobilisatie en mocht hij weer opkomen. Na zijn mobilisatieplicht bij de 1e compagnie 3e battalion 10e regiment infanterie, 1e divisie gelegerd in Weert ging hij weer terug naar Bovenkarspel.
Vermoedelijk is opa tijdens zijn mobilisatieplicht getrouwd. In een brief van zijn moeder gedateerd 9 december 1915 aan Geertje Ruiter komt voor dat opa aan haar geschreven had. Ook een brief gedateerd op 2 december van de oom Bruggeling (getrouwd met tante Jeftje Schaap) van opa gericht aan het militaire adres van opa doet dat vermoeden.
Jaren nadat oma overleden was leerde opa een nieuwe vrouw kennen die wij Tante Ria noemde. Een heel lieve vrouw die opa nog een aantal goede jaren bezorgd heeft. Opa overleed op 84 jarige leeftijd.Hij was een heel actieve man, hard werkend in zijn tuinderij en daar buiten een verwoede visser en jager. Urenlang kon hij aan de boorden van het Ijselmeer doorbrengen, zacht lurkend aan zijn pijp en absoluut niet in voor een praatje. Bijkomende functie was die van visopziener terwijl hij ook al reserve rijkspolitieman was.
Jagen was iets apart. Alleen met zijn geweer en een polstok om over de slootjes te springen ging hij regelmatig de landerijen af. Veelal op verzoek van de boeren of tuinders en gestuurd door de jagersvereniging werd op duiven, eenden en hazen gejaagd. Duiven vooral in de boomgaarden en hazen in de weilanden. Omdat hij geen hond bij zich had was vooral op eenden jagen spannend. Een schot moest direct raak zijn om te voorkomen dat de eend onderdook in de sloot. In dat geval was hij onvindbaar.
Door deze activiteiten was hij een belangrijk persoon in het kleine dorpje.
Dat opa Schaap een bijzondere man was blijkt wel uit de vrijwillegersmedaille die hem toegekend is. Ik was er overigens bij toen hij zijn uniform en wapen van de Rijkspolitie (hoe toevallig in Wormerveer) inleverde. Mooi zoiets, maar dat was niet alles. Opa was niet alleen jaren lang de enige politieman in het dorp, hij was ook opziener van het viswater en controleerde zodoende de visaktes. Daarenboven was hij ook de enige jager in de omgeving en hield toezicht op het wildbestand en tenslotte was hij zelf ook een fanatieke visser, maar dan niet op het binnenwater maar wel op het IJselmeer. Het moet voor de vissers in het binnenwater een vreemde ervaring zijn geweest om een man op de fiets aan zien komen met een geweer op zijn rug en een polstok in de hand die vervolgens de visakte ging controleren. Ook deed hij nog aan kegelen (de kegelbal hing altijd in een zak aan de kapstok in de koegang) en klaverjassen. De gemeenschap
deed ook nooit tevergeefs een beroep op hem. De huisarts heeft bij de begrafenis een toespraak gehouden die heel goed weergaf hoe de mensen over hem dachten.



De tweede vrouw van opa was tante Ria, Een oud verpleegster uit Amsterdam. Zij hebben nog een aantal jaren eerst in Wijdenes en later in Venhuizen gewoond.
Opa overleed in Venhuizen op 21 oktober 1973. Vlak voor zijn overlijden had hij nog een visvergunning aangevraagd. Veel gebruik zal hij daar niet van hebben.

